We moesten maar eens gaan
Het is dan toch zover gekomen: 21 jaar na oprichting besluiten de leden van de Tröckener Kecks er mee op te houden. Fans uit heel Nederland komen nog één keer bij elkaar om uit hun dak te gaan op de muziek van hun helden. Al lang voor aanvang voor het concert staat een grote groep voor de deur van het LVC in Leiden om zich te verzekeren van een plaats vlak bij het podium. En zoals het echte fans betaamt gaan de gesprekken voornamelijk over de beste plaat, hoe vaak je de Kecks hebt gezien, en - héél belangrijk - hoe lang je de Kecks al kent.
Koude tenen
Eenmaal binnengekomen lukt het niet zo om door te warmen. De zaal is ijskoud en dansen voordat de band op het podium staat doe je nu eenmaal niet. Gelukkig is het bij de garderobe wel warm. Theo Vogelaars - bassist en bandlid van het eerste uur - doet altijd zelf de merchandising, wat een goede reden voor veel bezoekers is om hier maar een beetje te blijven hangen. De speciale aanbieding van de avond zijn shirts met het citaat "we moesten maar eens gaan". De stille aftocht van Theo is voor velen het teken om snel nog wat munten te kopen en richting podium te gaan.
"Zou je"
En dan is het zover, de band komt op en er stijgt gejuich op uit de zaal. Hoewel de Kecks al jaren niet meer dat punkbandje met die grappige teksten is, blijken de eerste klanken wel genoeg om direct iedereen tussen mengtafel en podium aan het dansen te krijgen. Het is duidelijk te zien dat zanger Rick de Leeuw er zin in heeft. Niets zal hem stoppen om van dit laatste concert een waanzinnig afscheidsfeest te maken. Ook de fans hebben er zin in. Alleen een paar "grote" recensenten blijken niet in staat te dansen en alles letterlijk te kunnen meezingen, voor de rest doet iedereen mee. Tussen de nummers door klinken de bekende Kecks-spreekkoren waaruit des te meer blijkt dat iedereen zijn klassiekers kent. De sympathie gaat vooral uit naar Theo, maar ook de andere leden worden toegezongen. Op het moment dat Rick de woorden "zou je" uitspreekt klinkt als uit één mond "Zou je niettegenstaande de recente gebeurtenissen toch nog een verblijf op amoureus gebied in overweging willen nemen alsjeblieft". Misschien een beetje een gekunstelde tekst, maar hij doet het toch altijd weer goed.
Zweet, bier en water
De teksten lijken deze avond meer betekenis te hebben dan ooit. Dit komt voornamelijk door de thematiek van de Kecks: eenzaamheid, afscheid en verlaten worden. Gelukkig is er ook genoeg tijd voor onvervalste rock waarbij gitarist Phil Tilli en toetsenist Rob "Meneer" van Zandvoort zich het zweet op alle mogelijke lichaamsdelen spelen. Bij dit gebeuk mag ook de vaste act van
drummer Gerben Ibelings niet ontbreken. Voor de allerlaatste keer geeft hij een spectaculaire drumsolo waarbij liters water over zijn drumvellen worden gegoten. Het water spat ouderwets alle kanten op. Waar zie je dit nog vandaag de dag? De muzikanten blijken ook in staat zichzelf goed te verzorgen. Vooral Phil laat zich inspireren door de bierconsumptie in de zaal en hij geniet
met volle teugen.
Dus trek je jas aan
Na een avond zingen, dansen en drinken komt toch langzaam het einde in zicht. Het lijkt wel of het publiek het eerder beseft dan de bandleden. Tijdens
de toegiften zie je mensen huilen, lachen of een beetje schaapachtig kijken. Gelukkig blijken de heren zelf ook niet van steen. Als Rick voor de tweehonderste keer "jou" in de microfoon roept om te bewijzen dat hij het publiek écht nooit zal vergeten, rollen de tranen over het gezicht van de altijd stoere Gerben. Al snel volgt de rest van de band en de zaal heeft collectief kippenvel, inmiddels niet meer van de kou. En dan komt het definitieve afscheid, de zaal zingt nog één keer:
Begint hier nu het einde
Of eindigt het begin
Is twijfelen gezond
Of zonde van de tijd
Zijn gedeelde jaren dubbel
Of tellen ze maar half
Heet wat wij hebben liefde
Of is het angst voor eenzaamheid
Trek je jas aan
Het is koud vandaag
De muur van de Heinekenbrouwerijen
Ik kan het niet laten een persoonlijk verhaaltje aan deze recensie mee te geven. De Kecks was de eerste band die ik live zag. Ik zong teksten mee die ik amper begreep en langzaam begon ik ze steeds meer te begrijpen. De band die ooit na elk optreden even stopte bij de Heinekenbrouwerijen om daar de muur te kussen is niet meer. Het voelt raar maar ook zo logisch. Vroeger keek ik altijd uit naar die ene keer per jaar dat ze bij ons in het dorp kwamen spelen. Hoewel ik de Kecks ook elders bezocht, voelde ik me op die dag altijd bijzonder. Ik had dan echt het gevoel dat ze speciaal voor mij en mijn vrienden kwamen. En tja, inmiddels waren ze voor mij slechts één van de bands die ik in Paradiso ging kijken. En toch voel ik me raar op deze avond. De weg naar huis is koud vandaag en ik heb het gevoel dat ik een deel van mijn
leven afsluit. Wat blijft zijn de herinneringen en een paar fantastische albums.