![]() |
||
| Recensies van het album De Jacht, uitgewerkt door Tim (nederrock.nl) MUSIC MAKER (Jan van der Plas, 1989) Hoe vaak kun je als band ongestraft dezelfde plaat maken? Deze vraag komt onwillekeurig in me op wanneer ik de nieuwe plaat van de Tröckener Kecks draai. Het Amsterdamse viertal maakt al sinds het begin van de jaren tachtig platen met dezelfde karakteristieke elementen: verhalende teksten met een onbestemd levensgevoel die een veelvuldig kroegbezoek verraden, de raspende stem van zanger Rick de Leeuw, een muur van fuzz-gitaren en en stevig beukende ritmesectie. Met de LP 'Betaalde Liefde' bereikten de Kecks een voorlopig hoogtepunt. Liedjes als 'Naar De Top', 'Souvenir' en 'Kom terug Rosa' werden dan wel geen hits, maar maakten van de Kecks een populaire live-groep. De daaropvolgende LP 'Eén Op Eén Miljoen' was het tekstueel iets volwassener tweelingbroertje van 'Betaalde Liefde', met als prijsnummer de single 'Nu Of Nooit'. Met de nieuwe LP/CD 'De Jacht' hopen de Tröckener Kecks alsnog de hit te scoren die hen met de vorige plaat werd toebedacht. De groep laat alle bekende ingrediënten nog eens de revue passeren en citeert flink uit het eigen verleden. 'Naar De Top' krijgt een vervolg in 'Nummer Eén', 'Nu Of Nooit' in 'Vanavond Voor Altijd' en zo kan ik nog wel even doorgaan. Wanneer de Tröckener Kecks erin slagen met deze opsomming van alle goede ideeën een nieuw publiek te bereiken, zal niemand dat de groep kwalijk nemen. Maar ik betwijfel of 'De Jacht' in staat is de Kecks een groter publiek te bezorgen, want de scherpe kantjes die de Radio 3-deejays er tot nu toe van weerhielden om platen van de groep te draaien zijn ook nu weer volop aanwezig. OOR (René Megens, februari 1989) De vorige Kecks-LP 'Eén Op Eén Miljoen' (op CD vergezeld van het ook niet misselijke 'Betaalde Liefde') is een mijlpaal met heerlijke high energy-pop, afgewisseld met wat minder snel, maar sfeervol werk. Moderne zedenschetsjes zijn het, vol liefdesproblematiek, rusteloosheid en het (nacht)leven in de grote stad. En die zijn ook terug te vinden op 'De Jacht', die zich tot 'Eén Op Eén Miljoen' verhoudt als Gerard Kemkers tot Leo Visser op het laatste WK schaatsen. 'De Jacht' is een adequate CD, maar niet de top. Natuurlijk, Rick de Leeuw voorziet zijn vlakke, maar persoonlijke zang nog immer van die hartverwarmende zorgeloosheid. Ook legt het Amsterdamse kwartet, regelmatig bijgestaan door de vaak golvende toetsen van vaste producer Thé Lau, een grotere muzikale verscheidenheid aan de dag en is een aantal koortjes weer onverbiddelijk. Maar magische dreunen als 'Nu Of Nooit' en 'Eén Op Eén Miljoen' en de beklemming van een suspense-ballad als 'Achter Glas' ontbreken, al komt een aantal songs redelijk in de buurt van deze instant-classics. 'De Jacht Is Mooier Dan De Vangst' en 'Alleen De Nachten' zijn weer staaltjes van pakkende pure pop, terwijl het breed uitgesponnen 'C.S., 04:00U.' spannend blijft en de ballad 'Ver Van Huis' mede door de sax van gast Paul Berding een fraaie heimwee-melancholiek oproept. Daartegenover staat dat nummers als 'Geen Gewone Jongen' en 'Czaar Peterstraat' weinig inspirerend en simpelweg te gewoontjes klinken en dat laatste geldt ook voor sommige teksten (bijvoorbeeld 'Nummer Eén'), hetgeen op den duur storend werkt. Echt hinderlijk (want niet weg te programmeren op mijn CD-speler) is evenwel pas de twee minuten stilte, die op de CD te vinden is tussen 'C.S., 04:00U.' en bonustrack 'De Stad Die Mensen Eet'. Zonde van de tijd.
KECKS JAGEN OP ROES
'De Jacht Is Mooier Dan De Vangst'. Niet alleen de sleutelsong van de nieuwe LP 'De Jacht', maar eens te meer het motto waaronder de Tröckener Kecks hun
carrière uitstippelen. De strijd om het sterrendom, dat maar voor zo weinigen is weggelegd; de Kecks hebben het opgegeven en legden hun roots bloot, waardoor 'De Jacht' hun meest elementaire rock & roll-plaat werd. Terug naar de oervorm, het instinct, de tijd dat de mens moest leven van... de jacht. Over jagen, humor, huilen, ruziën en dat andere instinct dat de Kecks als metafoor voor het leven hanteren: de liefde.
Ooit heb ik in een LP-recensie de Tröckener Kecks ervan beschuldigd dat ze slechts één kunstje kennen, maar dat ze dit telkens op een dusdanig charmante en pakkende manier vertonen, dat je voorraad sentiment wel dodelijk moet zijn geslonken, wil je het viertal niet steeds snikkend van ontroering in je hart sluiten. Getuige hun vijfde LP 'De Jacht'
blijkt de groep het zich niet te hebben aangetrokken. Sterker nog, dat 'ene kunstje' is bijgeslepen en gekoesterd, waardoor 'De Jacht' iedere opsmuk ontbeert en de ouderwetse directheid van de rock & roll optimaal uitdraagt. Slechts het rollende hammondorgel van producer en goeroe Thé Lau verschaft wat versiering, maar geeft de plaat anderzijds een oerdegelijk vernisje. Tekstueel blijkt de stijlvorm van de Kecks, de verwarrende schemerzone tussen de fictie van het paranoïde, nachtelijke grotestadsleven en de werkelijkheid van de emotie (andersom zou immers meer voor de hand liggen), zijn kracht nog lang niet te hebben verloren. Door elke overbodigheid te omzeilen, hebben de sfeervolle snapshots aan zeggingskracht gewonnen en wordt de luisteraar meer dan ooit geprikkeld tot mijmeringen en meegezogen in de wereld van de Kecks; het eenzame nachtleven, de natte, schaars verlichte straten, kroegbazen die hun laatste klanten de deur uit werken en de eeuwige speurtocht naar een troebel levensdoel. En altijd blijkt er nóg iets in het spel: de liefde, een oude vlam, een afbrokkelende relatie die haar bestaansrecht nog slechts aan 'een stille hoop' ontleent.
'en ik luisterde alleen (Uit: 'Wacht Op Mij')
Maar laten we niet afdwalen voor er één woord is gezegd. In hoeverre is zo'n welhaast anekdotische wereld nog gelieerd aan de hardwerkende leden van de
Kecks zelf? Zanger Rick de Leeuw, met drummer Leo Kenter verantwoordelijk voor de teksten, beaamt dat het niet zo'n vaart loopt. "Dat wereldje heeft nooit dicht bij ons gestaan. We gebruiken de grote stad als entourage omdat er veel mensen wonen en er dus veel kan gebeuren. Dat houdt het geloofwaardig. Trouwens, mensen die denken dat we over liefdesrelaties zingen, hebben het mis. We gebruiken die liefde slechts om iets anders,
iets groters of iets mooiers, uit te drukken. Het is puur een metafoor." Leo: "Men vraagt ons wel eens waarom we nooit meer een nummer als 'Asfalt' geschreven hebben. Dat ging over iemand die wegzakte in het asfalt, hetgeen een sterkere metafoor vormde voor het niet meer kunnen loskomen van iets. Maar zo'n beeld is niet direct herkenbaar. Met behulp van de relatie waar je niet van loskomt kun je zoiets veel mooier uitdrukken. We gaan er vanuit dat meer mensen verliefd zijn dan dat ze in het asfalt wegzakken. Anderzijds is het natuurlijk het mooist als mensen zo'n verhaal óók als een doodgewoon, mooi liefdeslied lezen. Dan wordt de metafoor zó gebruikt dat hij niet opvalt." "Onze liedjes hebben verschillende niveaus", voegt gitarist Rob de Weerd tenslotte toe. "Je kunt ze in een maatschappelijke context plaatsen, maar ook puur op liefdesrelaties betrekken. Alles wat mensen uit onze teksten weten te halen is meegenomen. Dat pleit voor de tekst."
'want iedereen hier zoekt romance (Uit: 'Vanavond Voor Altijd') De twilight zone tussen fictie en werkelijkheid wordt meestal belichaamd door het al dan niet bruisende grotestadsleven en haar decors. Het stokpaardje van de Tröckener Kecks? Leo: "Op die manier wordt het wat filmischer, in de hoop dat het meer overtuigt. 'Een stille nacht op de Zeedijk', dat zegt meteen al heel veel over de sfeer. Mits je weet hoe de Zeedijk eruit ziet, natuurlijk." Rick: "Zo'n
nummer als 'Czaar Peterstraat', dat moet je lezen als een metafoor voor Hilversum, met Amsterdam als de rest van Nederland. Die straat kent iedere Amsterdammer; een droefgeestige, duistere, vervallen straat. Het lied was een reactie op mijn diepe teleurstelling over het feit dat onze single 'Nu Of Nooit', een geheide hit volgens ons allemaal, compleet werd genegeerd. Ik zou me daar nu niet meer druk om maken, maar destijds zat me dat heel hoog. Hilversum werd de Czaar Peterstraat van Nederland. Gek genoeg besefte ik pas achteraf dat het lied dáárover ging, dat het een directe reactie was. Dat gebeurt vaak bij onze teksten.
De vergelijking komt pas achteraf. Ik ben ook van mening dat een metafoor niet iets is wat je zélf in een liedje stopt, maar iets wat er achteraf door anderen wordt uitgehaald." Wie een tijdje met de Kecks converseert, ontdekt dat de groep - uitgezonderd bassist Theo Vogelaars, die zich verre van interviews houdt en zijn leven op welhaast maniakale wijze wijdt aan de public relations en merchandising rond de Kecks - een spits gevoel voor humor prijsgeeft, dat echter in de teksten nagenoeg achterwege blijft. Leo: "De humor zit bij ons wat verscholen. Vroeger schreef
ik meer anekdotische verhaaltjes met een grappige pointe. Dat heeft zich omgevormd tot een neutraler verhaalvorm, niet ernstig, niet echt leuk. Ik probeer wel alles zo luchtig mogelijk te brengen, zodat de eventuele klap op het einde extra hard aankomt. Vergelijk het met een droevige film, als die droefenis af en toe vrolijk wordt gebracht, dan is dat zó wrang, dan moet je lachen en huilen tegelijk. Dat probeer ik te bereiken. Een lach en een traan." "Verder zitten er veel inside-grappen in", aldus Rob. Als Rick in 'Wacht Op Mij' zingt: 'ik heb jarenlang gewerkt', dan is dat een pertinente leugen! We richten ons ook vaak tot Theo, onze bassist. Eigenlijk worden alle nummers voor hem geschreven. Hij is de norm, de maatstaf." Rick: "Als Theo het niet goed vindt, gebruiken we het niet." 'laatst vroeg
ik mezelf af (Uit:
'Alleen De Nachten')
'De Jacht' laat vooral een gerijpte Tröckener Kecks horen. De vroegere speelsheid van de groep, die zich uitte in een onstuitbare zelfwerkzaamheid (alles in eigen beheer) en een enthousiasme over de eigen prestaties dat tegenwoordig zeldzaam is, maakte plaats voor een romantischer houding. De zakelijke bijkomstigheden zijn uit handen gegeven en de groep concentreert zich nog slechts op de mogelijkheden van de
bandleden als muzikanten. Rick: "We weten nu wat we kunnen en maken daar optimaal gebruik van. Vroeger stonden we huiverig tegen dingen als arrangeren. Dat gaat ons nu heel gemakkelijk af. We waren bang om iets te leren, bang dat het enthousiasme in de
groep zou verdwijnen. We hebben het idee dat we de plaats verdienen waar we nu staan, dat we daar tevreden mee moeten zijn en ons niet moeten laten afleiden door lage verkoopcijfers van platen. Bij live-optredens blijken duizenden mensen onze teksten van buiten te kennen en mee te brullen. Als je voortdurend zalen uitverkoopt, weet je dat je wat kan, als groep. Dat is nu ons uitgangspunt en dat werkt ook in de teksten door. Het niet hoeven construeren van een verhaal-met-pointe maakt het schrijven gemakkelijker. Maar niet minder bewerkelijk: het moet kernachtiger, waardoor geen woord scheef mag liggen, anders is de magie eruit." "We kunnen nu van onze teksten zeggen dat ze hier en daar een enorme rijkdom bezitten", vervolgt Rick. "Sommige zinnen zetten je aan het denken; daar zijn we trots op. Passages als 'alleen zijn is niet erg als
er iemand op je wacht' of 'thuis is waar je niet bent', daar kun je omhéén lopen. Die maken iets los. Die ervaring heb ik zelf ook vaak. In een boek van Marcel Proust staat dat mensen in hun leven voor het beroep plegen te kiezen waar ze op één na het
beste in zijn. Waar je het beste in bent, dat is voor jezelf minder interessant dan datgene wat je ook wel een beetje kan, maar waar je graag heel goed in zou zijn. Dáár kiest men dan
voor. Een intrigerende gedachte. Ik heb dat meteen op mezelf geprojecteerd en het klopte: ik had profvoetballer moeten worden." Volgens Leo Kenter zit de rijkdom van de Kecks-teksten 'm in de kunst om feitelijke clichés op een overtuigende manier aan te
pakken. "Ik ben dol op clichés. En op symboliek. Je moe die dingen zó gebruiken dat ze weer kunnen. Er moet groei in zitten. Kijk, het ik hou van jou en blijf je trouw-idee is natuurlijk niet boeiend. Maar als je een lang, indrukwekkend verhaal beëindigt met die woorden, kan het weer wel. Dat geeft een extra dimensie. Ook in onze muziek is dat merkbaar. Zoals ik vroeger zonodig grappige verhaaltjes in de teksten wilde
aanbrengen, wilde ik ook allerlei ingewikkelde drumpartijen gaan uitpluizen. Sinds een jaar of wat ben ik daar vanaf. Het uitdiepen van de mogelijkheden binnen een simpele vierkwartsmaat is oneindig veel interessanter." 'want jij bent alles waar ik hier van droom vannacht (Uit: 'Ver Van Huis') "Het gaat ons er voornamelijk om emoties over te dragen, mensen in een roes te brengen", vertelt Rob. "Die bron van emoties is
eindeloos. Als je, zoals wij, de kunst verstaat om die emotie op een zodanige wijze in tekst en muziek te vertalen dat het anderen ook aanspreekt, kun je daar je hele leven mee voort. We hebben daar nu duidelijk voor gekozen, we zoeken niet meer. Zoiets wordt ook inherent aan je manier van leven. Je belandt in een andere wereld, je eigen speeltuin. En je moet zorgen dat je daar blijft. Dan ben je vermakelijk voor de daar buiten staande, echte wereld.
Als het meezit, zoals bij ons, heeft die buitenwereld er geld voor over om vermaakt te worden. Zo blijf je in leven en kun je altijd weer terugkeren in je speeltuin. Natuurlijk, je hebt voor je dagelijkse levensbehoeften aan alle kanten met die echte wereld te maken, maar het is prettig te weten dat je steeds weer op je eigen stek kan terugkeren." Leo: "Die gedachte houdt ons op de been. Als ik de Kecks niet had, zou ik gek worden.
Nu kan ik lachen om mensen die vóór me in de supermarkt staan te ruziën over zegeltjes of over wie er aan de beurt is. Het is allemaal vol te houden omdat je iets anders hebt, je eigen wereldje." Rob: "Je moet ook niet proberen iets anders ernaast te doen. Hou je bij je leest. Het hele idee van de homo universalis is belachelijk. Als ik Sting in een film zie acteren, moet ik alleen maar lachen. Iedereen moet gewoon op de juiste plaats zitten en zijn ding doen." Bestaat dan niet het gevaar dat de Kecks door zo'n isolement elk contact verliezen met die echte wereld, die tenslotte de bron is voor alle
sfeertekeningen in hun liedjes? "Nee", meent Leo. "Niet zolang je genoeg fantasie hebt en blijft schrijven over wat je bezighoudt. Mocht muziek uiteindelijk nog het enige zijn waar je inzit, dan kun je altijd nog over eenzaamheid gaan schrijven. Maar voorlopig kunnen we een kater nog heel levendig verwoorden, haha!" Al oogt de wereld waarin de personages uit die Kecks-teksten rondzwerven behoorlijk aangetast, enig breed maatschappelijk kader of een politieke
visie zul je in de verhaaltjes niet tegenkomen. Rick: "We zingen niet over wereldproblematiek, nee. Al blijken sommige teksten zoveel associaties op te roepen, dat men het er wél uithaalt." Leo: "Ik zou politiek-geëngageerde gedachten niet op een overtuigende manier kunnen opschrijven. Oorlog is slecht, ja, maar dat weet iedereen al. Wat moet ik toevoegen? Ik acht het meegenomen dat iemand bijvoorbeeld uit 'Go To The Mosk' van de 'Betaalde Liefde'-LP oppikt dat die song slechts zijdelings over liefde gaat, met discriminatie als rode draad." "De thematiek van 'C.S., 04:00U.' is toch van
behoorlijk maatschappelijke aard", stelt Rick. "Ik schreef die tekst nadat we een keer met onze bus achter het Amsterdamse station reden en ik daar al die hoopjes ellende zag; die meisjes die met hun uitgemergelde lijf vette zakenlieden in dito BMW's op hun wenken moesten bedienen, die zwervers... Dat raakt je toch veel directer? Dan vraag je je af: waar is het met die mensen misgegaan? Dan besef je eigenlijk pas goed hoe goed je
zélf terecht bent gekomen." 'geld, sex, pillen en geweld (Uit: 'C.S.,04:00U.') De CD-versie van 'De Jacht' bevat na 'C.S., 04:00U.' twee minuten stilte, waarna de groep voortraast met de bonus 'De Stad Die Mensen Eet'. Twee minuten ter overpeinzing? Leo: "'C.S., 04:00U.' is een echte afsluiter van een plaat, die op zich ook één geheel vormt. Als 'De Stad Die Mensen Eet' er dan meteen achteraan dendert, ontkracht dat volledig de intentie van 'C.S., 04:00U.'. Nu hebben we door die stilte een grens willen trekken. Je moet óf die twee minuten stilte uitzitten of op z'n minst moeite doen om je CD-speler een nummer verder te programmeren." Zoals gezegd, de humor bij de Tröckener Kecks zit ietwat verscholen.
| ||